Nieuws over JGZTips

Professor Arnold Heertje is woest

Professor Arnold Heertje is woest

Natuurlijk kent u professor Arnold Heertje, u en vele anderenleerden van hem de grondbeginselen van de economie. Diezelfde

Het imago van ruziemaker is onderdeel van mijn biografie. Ik kom in opstand als ik mij onrechtvaardig bejegend voel

Prof. Arnold Heertje

Heertje is woedend. Hij windt zich wel vaker op over onzinnige projecten (Betuweroute) en incompetente bestuurders (Netelenbos, Jorritsma), maar zijn strijd tegen Jeugdzorg neemt nu epische vormen aan. Hij stelt o.a. dat het beleid van Bureau Jeugdzorg slechts gebaseerd is op ‘perverse prikkels als geld en werk‘. En als een briljante econoom als Heertje het zegt, zou er dan ook een kern van waarheid in kunnen zitten?

Rechtszaak
Deze en meerdere opmerkelijke uitspraken deed Heertje in een interview dat hij gaf na afloop van de zitting van een rechtszaak die Jeugdzorg tegen hem heeft aangespannen. Heertje werd gedaagd naar aanleiding van eerdere uitspraken en publicaties waarin hij stelling nam tegen de praktijken van het Bureau en en passant ook de naam en toenaam noemde van Jeugdzorg-medewerkers die bij de zaak betrokken zijn.

Vanaf 0:53 ziet u professor Heertje over de perverse prikkels. Vervolgens windt hij zich steeds meer op, zeker wanneer gesteld wordt dat het ongepast zou zijn dat hij praktijken uit de Tweede Wereldoorlog erbij haalt:
(slechte geluidskwaliteit, echter hier en daar met ondertiteling)

[youtube https://www.youtube.com/watch?v=zn2Mal2VVAQ]

Feiten ‘sil vous plaît
Het boek van Heertje waarin hij onder andere deze kwestie aan de orde stelt komt pas over 2 dagen uit. Maar wat zijn de feiten over de door Heertje gestelde perverse prikkels als ‘(het verschaffen van) werk’ en ‘(het genereren van) geld’? Helaas heeft het landelijk Bureau Jeugdzorg geen actuele cijfers en jaarverslagen online staan, dus we vroegen of ze ons een paar cijfers kunnen verstrekken.

De reactie van Jeugdzorg:
Ik heb geen landelijke cijfers over het gemiddeld aantal hulpverleners dat bij zo’n casus betrokken is. Zeker omdat het vaak om hulpverleners uit verschillende disciplines gaat (neem een denkbeeldig gezin waarbij schuldhulpverlening, verslavingszorg, opvoedingsondersteuning en gezinsvoogd over de vloer komen: niet allemaal vallen ze onder Jeugdzorg). En een gemiddelde zegt waarschijnlijk ook niet zo veel.

Als er meerdere hulpverleners betrokken zijn bij 1 gezin, dan is dat vaak vanuit verschillende expertises. Er zijn schrijnende voorbeelden van situaties waarbij die hulpverleners niet van elkaar wisten wat ze precies deden en dat werkt contraproductief. Daar is veel aandacht voor. Gemeenten verbeteren de afstemming tussen de betrokken partijen en ook de nieuwe Jeugdwet helpt om dit probleem terug te dringen. Maar het gaat dan om hulpverleners van verschillende instellingen, het is niet zo dat er tien mensen van Bureau Jeugdzorg bij een gezin over de vloer komen. ”

Kort en goed
De stelling dat ‘werkverschaffing en geld’ de drijfveren zijn voor (het beleid van) Jeugdzorg is lastig te staven. Het feit dat cijfers niet (centraal) te achterhalen zijn zou ook wel eens een deel van het probleem kunnen zijn? Hier wordt echter wel aan gewerkt. Wij geven het vertouwen in ons economisch jeugd-idool niet op en zien uit naar de verklaring die professor Heertje geeft in zijn boek. U verneemt binnenkort meer van ons.

UPDATE:
Mevrouw Heidi Zandbergen, onderzoeksjournalist gespecialiseerd in economie en jeugdzorg,  stuurde ons een reactie op dit artikel. De reactie tamelijk uitgebreid en past niet in een standaard opmekeringsveld. Vandaar dat we deze reactie bij hoge uitzondering zelf hier plaatsen met daarbij de expliciete noot dat het de visie is van mw Zandbergen.

 

Goed dat jullie site zoekt naar economische feiten.

Robin Linschoten deed onderzoek in het kader Commissie Financiering Jeugdzorg en concludeerde, net als jullie, dat het gebrek aan informatie uit de jeugdzorgsector schrikbarend is. https://www.zorgwelzijn.nl/Jeugdzorg/Nieuws/2009/3/Commissie-Linschoten-jeugdzorg-op-prestaties-afrekenen-ZWZ013745W Hij stelde dat dit gebrek aan transparantie gevolgen zou moeten hebben voor de inkoop van de jeugdzorg door de overheid.

Toch is er daarna geen verbetering gekomen. Om een voorbeeld te noemen, als kamerleden informeren naar het aantal kinderen dat onder toezicht is gesteld (OTS) dan krijgen zij ook geen antwoord van Jeugdzorg Nederland. Dat komt omdat men dat niet bijhoudt, men houdt voornamelijk gegevens bij die de sector zelf uitkomen.

De Rekenkamer kan veel meer over jeugdzorg en transparantie vertellen, het beeld is nog altijd dat er te weinig informatie vanuit de sector wordt gegeven op basis waarvan men economisch is af te rekenen. Omdat de jeugdzorg op deze manier onbestuurbaar is en sturing hard nodig is gezien de extreme kostenstijging is er een parlementair commissie geweest die onderzoek heeft gedaan.

In dat rapport wordt zeer veel informatie over de jeugdzorg samengevat. Een samenvatting is hier te vinden: https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-32296-8.html en in het hele rapport staat nog veel meer informatie en eerder onderzoek. Op basis hiervan is besloten om de jeugdzorg verder te decentraliseren, hetgeen momenteel gaande is.

 

De deskundige op bestuurlijk gebied is René Clarijs, die stelt dat deze transitie de jeugdzorg niet zal verbeteren. Clarijs is hoofdredacteur van het blad Jeugdbeleid en gepromoveerd op de bestuurlijke ‘tirannie’ in de jeugdzorg en hoe dat onoplosbaar blijkt in de decennia, en is een belangrijke infomatiebron als het gaat om jeugdzorgbeleid. Meer informatie vind je hier:https://www.swpbook.com/auteurs/524 Ondertussen wil de jeugdzorgsector graag doen alsof alles goed gaat, men zich hard verbetert (innoveert) en de politiek dus tevreden kan zijn. Immers in de jeugdzorg hangen geldstromen en financiering af van het imago bij politici. En dat hangt voor een belangrijk deel af van de berichtgeving in de media.

 

Als gevolg daarvan is Jeugdzorg Nederland vooral gericht op imago en communicatie en zoveel mogelijk positieve berichtgeving bewerkstelligen. Meer informatie daarover is terug te vinden in allerlei communicatie-uitingen die in het verleden nog online stonden, nu doet men dat niet meer. Het jaarplan van 2011 stond nog online en daarin was op pagina 9 te lezen dat Jeugdzorg Nederland jeugdzorginstellingen door het hele land ondersteunt bij de bouw van een onderling ‘communicatienetwerk’ waarvan het doel was ‘om als een olievlek positieve verhalen over de jeugdzorg te verspreiden’ en dat doen ze door ‘alleen (eigen) successen en resultaten communiceren’ aan ‘het grote publiek’.

En zo komen we bij de kern: omdat de jeugdzorgsector zo gericht is op positieve beeldvorming ivm financiering aantrekken (publiek geld) is men er
sterk op gericht misstanden uit de media te houden. Daar heeft men dan verhalen bij, zoals dat de medewerkers van jeugdzorg hun werk niet meer goed kunnen doen als media negatief zijn. Zie bijvoorbeeld dit recente interview:https://www.trouw.nl/tr/nl/4656/Jeugdzorg/article/detail/3540827/2013/11/07/Negatieve-berichtgeving-dwarsboomt-Jeugdzorg.dhtl
Het gevolg daarvan is dat critici van jeugdzorg over het algemeen keihard worden aangepakt. Zelfs voormalig Nationale Ombudsman Alex Brenninkmeijer overkwam dit, op basis van vele door hem zeer zorgvuldig uitgezochte dossiers constateerde hij dat de jeugdzorgsector een ‘ernstige gedragsstoornis’ heeft.https://www.volkskrant.nl/vk/nl/2686/Binnenland/article/detail/360647/2009/11/20/Ombudsman-kraakt-jeugdzorg.dhtml Dat leverde hem een publieke reprimande op van toenmalig minister André Rouvoet dat hij een slechte ombudsman was. https://www.volkskrant.nl/vk/nl/2824/Politiek/article/detail/367157/2009/11/28/Rouvoet-ombudsman-is-onzorgvuldig.dhtml

 

Diezelfde Rouvoet weigerde op individuele klachten van ouders en kinderen in te gaan, liep boos weg uit interviews waar kritische vragen werden gesteld, net als dat Jeugdzorg Nederland kritische journalisten rustig voor de Raad van de Journalistiek sleept. Bv als het gaat om kritische vragen over de besteding van extra gelden waar de jeugdzorgsector steeds weer voor lobbiet en vaak ook krijgt. Zie https://www.rvdj.nl/2009/17 Het wekt dan ook weinig verbazing dat Rouvoet na zijn ministerschap advieswerk voor Jeugdzorg Nederland is gaan doen, nota bene over de kwaliteit van jeugdzorg.
Tot overmaat van ramp verschuilt de jeugdzorg zich ook nog eens achter de privacy van kinderen waardoor individuele verhalen zelden naar buiten komen. Als dat al gebeurt dan raken ouders daarna vaak hun kinderen kwijt, mogen niet meer op bezoek, worden als slechte ouders bestempeld omdat ze de privacy van het kind schaden etc. Nu breidt Jeugdzorg dat uit naar dat medewerkers ook al niet meer bij naam genoemd mogen worden. Dat is al een tijd gaande bij (pleeg)ouders die het zich niet kunnen permitteren te procederen en die dat ook niet durven omdat dat terug slaat vaak op hun kinderen.

Vandaar dat er in de Jeugdzorg-wereld groot belang wordt gehecht aan de uitkomst van dit kort geding Jeugdzorg versus Heertje. Heertje heeft het
dus wel degelijk goed gezien, en legde onlangs in een opiniestuk in de Volkskrant ook nog eens het verband uit tussen allerlei economische ontwikkelingen (zoals graaiende bestuurders), en toenemend inhumaan gedrag van bureaucratische systemen.https://www.volkskrant.nl/vk/nl/3184/opinie/article/detail/3622255/2014/03/26/Domheid-en-arrogantie-hebben-de-Partij-van-de-Arbeid-genekt.dhtml
De jeugdzorgsector lijkt een van de sterkste lobby’s in Nederland en is er als de kippen bij om Heertje af  te schilderen als iemand die niet aan belangen van kinderen denkt en geen verstand heeft van jeugdzorg. Ook zou hij ongepaste vergelijkingen maken en feitelijke onjuistheden vertellen. Maar jeugdzorg kan niet aantonen wat er dan feitelijk onjuist is, en er is ook niets gelogen van wat Heertje zegt. Hij benoemt
de onmenselijkheid die zich vaak in de jeugdzorg voor doet, en daar zijn veel slachtoffers van jeugdzorg blij mee.

 

Denk aan kinderen die seksueel zijn misbruikt in jeugdzorginstellingen (commissie Samson), of die op basis van fouten in rapporten uit huis zijn gehaald. Of ouders en kinderen die jarenlang last hebben van foute aannames van de jeugdzorg. Zie daarvoor bijvoorbeeld:https://www.defenceforchildren.nl/p/48/3431/mo233-m80/kinderombudsman-uit-zware-kritiek-over-jeugdzorg. Of https://www.nrc.nl/nieuws/2014/04/22/jeugdzorg-straft-onterecht-voor-doktertje-spelen/
Ik geef deze informatie aan 925 omdat hier de relevante vragen worden gesteld. ‘Hoe zit het dan economisch? En: professor Heertje is toch niet gek?’
Complimenten daarvoor: Follow the money!

 

Heidi Zandbergen

Onderzoeksjournalist gespecialiseerd in economie en jeugdzorg

 https://925.nl/archief/2014/05/07/professor-arnold-heertje-is-woest

 

Volkskrant

ARNOLD HEERTJE
In de jeugdzorg zijn de kinderen om wie het gaat uit beeld verdwenen. Een deel van de kinderen wordt op lichtvaardige gronden onder toezicht geplaatst. Is die horde eenmaal genomen dan zijn deze kinderen speelbal van instellingen als de Raad voor de Kinderbescherming, de Bureaus Jeugdzorg, stichtingen ten behoeve van pleegouders, particuliere instellingen voor jeugdzorg en het Leger des Heils. De kinderen worden onnodig uit huis geplaatst, komen in internaten terecht en worden willekeurig overgeplaatst naar andere scholen dan de hun vertrouwde. De bureaucratie maakt van de kinderen producten, waarmee veel geld wordt verdiend en waaraan veel werkgelegenheid wordt ontleend ten behoeve van medewerkers, die zich begeleiders, gezinsvoogden, teamleiders of relatiemanagers noemen.
In het oosten van het land zijn twee kinderen van ongeveer 12 jaar weggehaald bij hun moeder, omdat deze alleen Russisch spreekt en daarom ongeschikt wordt geacht de kinderen op te voeden. De moeder is al enige jaren in juridische procedures verwikkeld om de kinderen thuis te krijgen, maar stuit op het enorme financiële belang bij het handhaven van de status-quo van de toezichthoudende partijen. Dit leidt er toe dat de kinderen weken zijn verstoken van tijdige medische hulp. (Schriftelijk aandringen door een buitenstaander bij het internaat Entrea in Nijmegen op onmiddellijk bezoek aan een arts, had succes.).
In Amsterdam is door jeugdzorg een kind ontvoerd uit de school waar hij meer dan drie jaar tot volle tevredenheid van hemzelf, zijn moeder en de schoolleiding op zat. Hij is naar een geheime plaats gebracht, zodat ook zijn moeder niet langer weet waar hij verblijft. Medewerksters van Bureau Jeugdzorg in Amsterdam (BJAA) weigeren ansichtkaarten en attenties van vriendjes van zijn vorige school en van familieleden door te geven aan het kind. Je waant je even niet langer in het vredige Nederland. (Een buitenstaander heeft er bij directeur Gerritsen van BJAA op aangedrongen zijn medewerksters te verzoeken het inhumane pad te verlaten.) Het is niet moeilijk de lijst van schrijnende voorbeelden uit te breiden met soortgelijke ervaringen in andere plaatsen.
Dat in Nederland zich in een belangrijk deel van de jeugdzorg afschuwelijke taferelen afspelen, is niet aanvaardbaar. Onder het mom van kinderbescherming is in een te groot aantal gevallen sprake van georganiseerde kindermishandeling. Af en toe wordt de samenleving opgeschrikt door dramatische uitlopers van deze benauwende en inhumane situaties.
De parlementaire beraadslagingen over de nieuwe wetgeving moeten recht doen aan de noodzaak de jeugdzorg op de werkvloer te humaniseren. Aan de huidige perverse financiële prikkels dient een einde te komen. Voorts is het noodzakelijk dat de medewerkers, die zich eerder gedragen als geüniformeerde officieren dan als liefdevolle mensen die kinderen bij de hand nemen en een begripvolle omgeving bieden, plaatsmaken voor deskundigen met hart voor hun vak. Is er iets belangrijker in deze soms hardvochtige wereld dan het levensgeluk van onze kinderen?
Arnold Heertje is econoom.

Related Articles

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Back to top button
Google Workspace Google Workspace prijzen Google Workspace migratie Google Workspace Google Workspace prijzen Google Suite Free overstappen G Suite Free stopgezet